Tickets bestellen
Adres
Lange Voorhout 74
2514 EH Den Haag
T: 070-4277730
E: info@escherinhetpaleis.nl
Over Escher

Tijdlijn

Het Princessehof in Leeuwarden, het geboortehuis van Maurits Cornelis Escher

1898

Op 17 juni 1898 wordt Maurits Cornelis Escher geboren in Leeuwarden. Hij is de derde zoon uit het tweede huwelijk van George Arnold Escher met Sarah Gleichman. Uit een eerder huwelijk kreeg vader G.A. Escher al twee zonen.

Het woonhuis van het gezin Escher aan de Utrechtsestraat in Arnhem. Foto uit Eschers eigen archief
Het woonhuis van het gezin Escher aan de Utrechtsestraat in Arnhem. Foto uit Eschers eigen archief.

1903

Vader Escher wordt benoemd tot hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat in Arnhem en het gezin verhuist naar de Gelderse hoofdstad.

Zandvoort, 1905. Escher is de jongen met strooien hoed op de onderste rij, tweede van links
Zandvoort, 1905. Escher is de jongen met strooien hoed op de onderste rij, tweede van links

1905

Escher heeft een prettige jeugd, ondanks de vele ziektes waar hij last van heeft. Om aan te sterken gaat hij op zevenjarige leeftijd voor een langere periode naar een soort jongerenrevalidatiecentrum in Zandvoort.

Escher op vijftienjarige leeftijd, lente 1913

1912 -1918

Escher gaat naar de Lorentz-HBS in Arnhem. Hij is linkshandig en zeer intelligent, maar een buitenbeentje. Hij is geen gelukkige leerling en haalt zijn eindexamen niet. Wel ontmoet hij er zijn levenslange vrienden: Roosje Ingen Housz, Conny Umbgrove, Bas Kist, Jan van der Does de Willebois en diens zuster Fiet. Met Conny, Bas en Roosje vormt hij een strijkkwartet. Hijzelf speelt cello.

Escher met zijn klasgenoten op de HBS. Hij is de jongeman rechts, met zijn camera op schoot. Achter hem zitten schoolvriendinnen Roosje Ingen Housz en Conny Umbgrove.

1913

Escher krijgt zijn eerste camera, het begin van fotografie als een belangrijke hobby. Gedurende zijn leven zal hij momenten en plaatsen van belang blijven vastleggen, ook ter inspiratie voor zijn werk.

M.C. Escher, Eschers vader, ir. G.A. Escher, linoleumsnede, 1916
M.C. Escher, Eschers vader, ir. G.A. Escher, linoleumsnede, 1916

1916

Escher maakt zijn eerste grafische werk, een linoleumsnede van zijn vader G.A. Escher. Escher heeft een sterke band met zijn vader en hij lijkt ook erg op hem. Hij maakt relatief weinig portretten in zijn leven, maar zijn vader is een paar keer zijn model.

M.C. Escher, Spoorbrug over de Rijn bij Oosterbeek, ets, 1917

1917

Verhuizing naar Oosterbeek. In januari maakt Maurits zijn eerste ets: Spoorbrug over de Rijn bij Oosterbeek.

1918

Escher studeert bouwkunde aan de Technische Hogeschool te Delft. Hij is er niet op zijn plek en mede door ziekte haalt hij zijn examens niet.

M.C. Escher, Bij Mesquita in de klas, houtsnede, 1920 of 1921

1919 – 1922

Opleiding tot graficus aan de School voor Bouwkunde en Sierende Kunsten te Haarlem. Hij begint en studie bouwkunde, maar al na korte tijd stapt hij over op grafiek, gestimuleerd door zijn leermeester Samuel Jessurun de Mesquita.

1919

Escher maakt zijn eerste houtsneden. Grote blokken zijn te duur, dus hij maakt alleen nog klein werk.

MC Escher, De Bol (Zelfportret), houtsnede in het boekje Flor de Pascua, 1921
MC Escher, De Bol (Zelfportret), houtsnede in het boekje Flor de Pascua, 1921

1921

In het voorjaar maakt Escher een rondreis langs de Franse Rivièra en Noord-Italië. Het is het begin van een levenslange voorliefde voor Italië. In november is de publicatie van Flor de Pascua, het eerste boek met illustraties van Escher. In de houtsneden komen de thema’s al naar voren die later belangrijk zullen worden in Eschers werk, zoals natuur, perspectief, reflecties en vlakverdelingen.

M.C. Escher, Acht koppen, houtsnede van één blok, dat eenmaal geheel en achtmaal gedeeltelijk is afgedrukt, januari, februari of maart 1922

1922

Van 5 april tot 12 juni maakt hij een rondreis door Noord-Italië. Van 13 tot 20 september reist hij per vrachtschip naar Tarragona. Daarna volgt een rondreis door Spanje, gaat hij per vrachtschip door naar Italië en vanaf half november verblijft Escher in Siena. Hij maakt tijdens deze reis voor het eerst kennis met de mozaïeken van het Alhambra in Granada. Vlak daarvoor maakt hij al zijn eerste vlakverdeling: Acht koppen.

Portret G. Escher-Umiker (Jetta), houtsnede, februari 1925

1923

Vanaf 14 maart verblijft Escher in Ravello. Op 31 maart ontmoet hij in zijn pension Jetta Umiker en haar familie. Escher en Jetta worden al snel verliefd. In Siena heeft Escher tussen 13 en 26 augustus zijn eerste solotentoonstelling. Vanaf november is hij in Rome.

Huwelijk in Viareggio, 16 juni 1924
Trouwfoto van het kerkelijk huwelijk, Viareggio, 16 juni 1924

1924

In februari is Eschers eerste tentoonstelling in Nederland. Op 12 juni trouwen Maurits en Jetta in Viareggio in Italië. In oktober van dit jaar kopen ze hun eerste huis in Rome. Het huis is nog niet bewoonbaar, tot die tijd wonen ze in een pension in Frascati.

M.C. Escher, De vierde scheppingsdag, houtsnede, februari 1926

1925

Omdat het huis in Rome bij oplevering in maart nog veel te vochtig is, laten Maurits en Jetta de woning de hele zomer drogen. Ze verblijven die maanden in de Albergo del Toro in Ravello, de plek waar ze elkaar hebben leren kennen. Begin oktober verhuizen ze eindelijk naar hun nieuwe huis in Rome. Halverwege oktober komt Eschers broer Arnold om het leven tijdens een bergtocht in Tirol. In december begint Escher aan een serie van zes houtsneden over de scheppingsdagen, die later zeer populair zal worden.

Escher thuis op 19 januari 1926

1926 – 1935

De bekendheid van Escher groeit. Met name in Nederland wordt hij vaker gevraagd voor exposities. De internationale kunsthandel krijgt interesse in zijn werk.

Maurits Cornelis Escher met George Arnold Escher, 29 december 1926
Maurits Cornelis Escher met George Arnold Escher,
29 december 1926

1926

Van 2 tot 16 mei is er een veel aandacht trekkende tentoonstelling met Eschers werk in Rome. In juni koopt het paar een ander huis in Rome in verband met de gezinsuitbreiding, maar dit is niet direct bewoonbaar. Op 23 juli wordt hun eerste zoon geboren: George Escher. Escher verkoopt in dit jaar zijn eerste werken (9) voor in totaal 330 gulden.

Een pagina uit het fotoboek van een reis naar de Abruzzen in 1929

1927 – 1935

Vrijwel jaarlijks, meestal in het voorjaar, maakt Escher trektochten door onherbergzame streken. Tijdens deze tochten maakt hij schetsen die hij later gebruikt voor zijn werk. Ook maakt hij veel foto’s en schrijft hij in reisdagboeken.

Via Alessandro Poerio 122 (het tweede huis in Rome), eind mei 1931

1927

In verband met de gezinsuitbreiding verhuist de familie Escher naar een groter huis in Rome, dichtbij hun vorige huis. Voor het eerst heeft Escher een eigen atelier.

MM.C. Escher, Toren van Babel, houtsnede, februari 1928
M.C. Escher, Toren van Babel, houtsnede, februari 1928

1928

In februari maakt Escher Toren van Babel. Op 8 december wordt hun tweede zoon geboren: Arthur Escher.

M.C. Escher, Goriano Sicoli, Abruzzi, litho, juli 1929

1929

Escher experimenteert met een nieuwe techniek: het wegkrassen van inkt op perkamentachtig papier. Als gevolg van deze experimenten gaat hij zich richten op de lithografie. In juli maakt hij zijn eerste Italiaanse prent als litho: Goriano Sicoli. Het prepareren van de lithosteen doet hij zelf, het drukken besteedt hij uit.

1931

Publicatie van het artikel M.C. Escher – grafisch kunstenaar, in “Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift” waarin de gerenommeerde kunsthistoricus G.J. Hoogewerff zijn waardering uitspreekt voor het werk van Escher. In het najaar maakt Escher zijn eerste houtgravure.

M.C. Escher, Luit, houtsnede. 1931 (uit XXIV Emblemata)
M.C. Escher, Luit, houtsnede. 1931 (uit XXIV Emblemata)

1932

In de zomer verschijnt het boek XXIV Emblemata dat zijn zinne-beelden met houtsneden van Escher. De kunsthistoricus G.J. Hoogewerff stimuleerde Escher een jaar eerder emblemata te maken, zoals ook de oude meesters dat deden. Een embleem is eigenlijk een plaatje met een praatje: een afbeelding met een motto en en een gedicht. De lezer moest deze drie combineren om de bedoeling van het embleem te doorgronden.

M.C. Escher, Illustratie uit De vreeselijke avonturen van Scholastica (‘De Heks van Oudewater’), pagina 11, houtsnede, oktober 1931

1933

In het najaar verschijnt het boek De vreeselijke avonturen van Scholastica met houtsneden van Escher. Na Flor de Pascua en Emblemata is dit het derde boek waarvoor Escher als illustrator optreedt. Het is ook de laatste keer, hij concentreert zich voortaan op het afbeelden van zijn eigen gedachten.

M.C. Escher, Nonza, litho, februari 1934
M.C. Escher, Nonza, Corsica, litho, februari 1934

1934

Escher werkt in het voorjaar aan een serie over Rome bij nacht. Hij experimenteert in zijn schetsen met arceringstechnieken om licht-donkereffecten te bereiken en zet zijn schetsen vervolgens om in houtsneden. De litho Nonza, Corsica wint een derde prijs op een tentoonstelling in Chicago. Van 12 tot 22 december is er een tentoonstelling in het Nederlands Historisch Instituut te Rome.

M.C. Escher, Hand met spiegelende bol (Zelfportret in bolspiegel), litho, 1935
M.C. Escher, Hand met spiegelende bol (Zelfportret in bolspiegel), litho, januari 1935

1935

In januari maakt Escher zijn bekende zelfportret Hand met spiegelende bol. De zorg om de gezondheid van de kinderen en het aanzwellen van het fascistische politieke klimaat doen de Eschers besluiten te verhuizen van Italië naar Zwitserland.

De zelfgetekende kaart van Eschers reis naar Italië en Spanje in 1936.
De zelfgetekende kaart van Eschers reis naar Italië en Spanje in 1936

1936

Tussen 27 april en 25 juni maakt Escher een zeereis naar Spanje langs de Italiaanse en Franse kust. Hij maakt een uitvoerige studie van de Moorse mozaïeken in het Alhambra (Granada) en de Mezquita (Córdoba). Dit zette hem aan tot het verder experimenteren met vlakverdelingen.

M.C. Escher, Metamorphose I, houtsnede, gedrukt op twee bladen, mei 1937

1937

Escher is niet gelukkig in Zwitserland. In augustus verhuist het gezin naar Ukkel in de buurt van Brussel. In dit jaar maakt Escher zijn eerste Metamorphose. Eschers halfbroer Berend, hoogleraar geologie en kristallografie aan de Universiteit Leiden, ziet Eschers vlakverdelingen en hij voorziet Escher van publicaties op het gebied van kristallografie. Escher laat zich hierdoor inspireren voor zijn vlakverdelingen, maar creëert uiteindelijk zijn eigen systeem.

M.C. Escher, Dag en nacht, houtsnede, februari 1938

1938

Escher maakt Dag en nacht. Deze houtsnede wordt immens populair, hij zal hem gedurende zijn leven meer dan 650 keer herdrukken. Op 6 maart is de geboorte van derde zoon Jan Christoffel Escher. In juni maakt hij Lucht en Water I, de pers roemt hem om zijn nieuwe stijl.

George Arnold Escher op zijn 90ste verjaardag, in 1933

1939

In het voorjaar en de zomer maakt hij een serie houtsneden over Delft, een opdracht van de Staat der Nederlanden. Op 14 juni overlijdt Eschers vader. In november begint Escher aan de vier meter lange houtsnede Metamorphose II, waarin een reeks vlakvullingen via metamorfosen een beeldverhaal vormen. Hij is er tot maart 1940 mee bezig

Regelmatige vlakverdeling met reptielen nr. 56, Oost-indische inkt, goudkleurige inkt, kleurpotlood en dekverf op papier, november 1942

1939-1945

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zakt de productie van nieuwe prenten flink in bij Escher. Het ontbreekt hem aan inspiratie en hij heeft wel wat anders aan zijn hoofd. Dat wil niet zeggen dat hij helemaal niets creatiefs meer doet. Juist in de oorlogstijd werpt hij zich op zijn vlakvullingsschriften, waarin hij steeds nieuwe varianten bedenkt voor het vullen van het vlak met regelmatige patronen. Tussen het uitbreken van WO II in 1939 en de Nederlandse bevrijding in mei 1945 maakt hij zo’n 35 nieuwe tekeningen.

1940

Escher snijdt een beukenhouten bol met vissen in motief. Op 27 mei overlijdt Sarah Gleichman, Eschers moeder.

M.C. Escher, Vissen, houtsnede in drie tinten grijsgroen, gedrukt van drie blokken, oktober 1941
M.C. Escher, Vissen, houtsnede in drie tinten grijsgroen, gedrukt van drie blokken, oktober 1941

1941

Op 20 februari verhuist het gezin naar Nederland. Ze huren de helft van een huis aan de Nicolaas Beetslaan in Baarn. In September begint Escher aan de houtsnede Vissen, het eerste werk dat hij maakt in Baarn. In Duitsland was in 1933 de Reichskulturkammer opgericht en in november 1941 volgt de Nederlandse variant. Elke kunstenaar die wil exposeren, publiceren of musiceren moet er lid van zijn. Joden zijn uitgesloten. Wie lid wordt, verklaart zich formeel akkoord met de politiek van de bezetter. Kunstenaars krijgen een aanmeldingsformulier en een ariërverklaring toegestuurd, die zij moeten invullen en retourneren. Hoewel er vooraf weerstand is geweest, kiezen verreweg de meeste kunstenaars eieren voor hun geld. Bewust weigert Escher zich aan te melden.

M.C. Escher, Reptielen, litho, maart 1943
M.C. Escher, Reptielen, litho, maart 1943

1943

Dit jaar maakt Escher twee belangrijke litho’s: Reptielen in maart en Ontmoeting in mei. Het zijn prenten waarin hij op ingenieuze wijze de tweedimensionaliteit van de vlakverdeling mengt met een driedimensionale voorstelling.

1944

Op 31 januari wordt Eschers oud-leermeester Samuel Jessurun de Mesquita weggevoerd door de bezetter om nooit meer terug te keren. Zijn overlijden grijpt Escher erg aan. Hij zorgt ervoor dat Mesquita’s grafiek en tekeningen worden ondergebracht bij het Stedelijk Museum te Amsterdam.

M.C. Escher, Balkon, litho, juli 1945
M.C. Escher, Balkon, litho, juli 1945

1945

Het einde van de oorlog werkt voor Escher persoonlijk en ook als kunstenaar bevrijdend. In de tweede helft van dat jaar maakt hij Balkon, Dorische Zuilen, Drie Bollen I en een houtsnede voor de Tijdelijke Academie in Eindhoven. Hij is ook nog bezig met de litho Toverspiegel, die in januari 1946 af is.

Escher maakt een herdruk van Ruiter

1946

Escher verdiept zich voor het eerst in de techniek van de mezzotint, een voor hem nieuwe techniek die hem boeit door de grote nuancering van licht naar donker die erin te bereiken is. De techniek om de plaat te maken en te drukken is echter moeizaam en tijdrovend, en er kunnen maar enkele goede afdrukken van gemaakt worden voordat de plaat te slecht wordt. Escher maakt, met tussenpozen, een aantal van deze mezzotints, maar stopt ermee in 1951. Hij gaat ook steeds vaker voordrachten houden over eigen werk. In juli maakt hij de houtsnede Ruiter

Escher bekijkt een druk van Boven en onder

1947

In januari maakt hij Andere wereld, gevolgd door Boven en onder in juli. Twee belangrijke prenten in zijn oeuvre, waarin hij verschillende perspectieven en standpunten in één beeld combineert.

Escher wijst in zijn atelier op Tekenen

1948

In januari maakt Escher Tekenen. De VAEVO, een vereniging die in 1908 was opgericht om de culturele opvoeding van de jeugd te stimuleren, laat die zomer vierhonderd drukken van Boven en onder maken. Ze worden verspreid onder middelbare scholen. Later zullen er nog meer herdrukken volgen.

‘Prying Dutchman’, Time magazine, 1951

1951

Er verschijnen artikelen over Escher in drie belangrijke internationale tijdschriften: in februari in The Studio (Groot-Brittannië), in april in Time en in mei in Life (Verenigde Staten). De Amerikaanse artikelen zorgen voor een grote bekendheid van Escher in de Verenigde Staten.

M.C. Escher, Modderplas, houtsnede in zwart, groen en bruin, gedrukt van drie blokken, februari 1952
M.C. Escher, Modderplas, houtsnede in zwart, groen en bruin, gedrukt van drie blokken, februari 1952

1952

In februari maakt hij Modderplas, een kleurenhoutsnede die is geïnspireerd door zijn wandelingen in de bossen van zijn woonplaats Baarn. In deze prent gebruikt Escher de bomen uit een houtsnede die hij bijna 20 jaar eerder maakte, namelijk Pineta van Calvi, Corsica (1933).

M.C. Escher, Relativiteit, houtsnede, juli 1953

1953

In juli maakt Escher Relativiteit, een van zijn meest iconische werken.

Time Magazine, 25 oktober 1954
Time Magazine, 25 oktober 1954

1954

In september is er een grote tentoonstelling in het Stedelijk Museum te Amsterdam ter gelegenheid van het Internationale Mathematische Congres. Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog maakt Escher weer een zeereis langs de Mediterraanse kust. Hij zal dit de komende jaren in de zomermaanden blijven herhalen. In oktober en november heeft hij een tentoonstelling in de Whyte Gallery te Washington. In de VS verkoopt zijn werk goed, mede doordat Time magazine opnieuw een artikel over hem schrijft. Omdat Escher al zijn prenten zelf drukt, heeft hij weinig tijd over voor het maken van nieuw werk. Om dit te voorkomen verhoogt hij zijn prijzen. Het helpt niet, men blijft zijn werk kopen.

M.C. Escher, Drie werelden, litho, december 1955
M.C. Escher, Drie werelden, litho, december 1955

1955

Verhuizing naar een nieuw huis in Baarn. 1955 is een bijzonder productief jaar, hij maakt vijf nieuwe prenten waaronder Drie werelden. Op 30 april ontvangt Escher de koninklijke onderscheiding van Ridder in de Orde van Oranje Nassau.

M.C. Escher, Prentententoonstelling, litho, mei 1956

1956

In mei maakt Escher Prentententoonstelling. Vanaf de zomer heeft hij uitvoerige briefwisselingen met Bruno Ernst, de wiskundeleraar die twintig jaar later een boek uit zou brengen over hun onderlinge contact.

M.C. Escher, Draaikolken, houtgravure en houtsnede in rood, grijs en zwart, gedrukt van twee blokken, november 1957
M.C. Escher, Draaikolken, houtgravure en houtsnede in rood, grijs en zwart, gedrukt van twee blokken, november 1957

1957

Dit jaar maakt hij onder andere de houtgravure en houtsnede Draaikolken, een prent die niet alleen ingenieus is vanwege het onderwerp. Hij gebruikt een nieuwe druktechniek: elk blok bedekt maar de helft van de voorstelling. De andere helft wordt gedrukt door het blok 180 graden te draaien.

M.C. Escher, Regelmatige vlakverdeling. Utrecht, Stichting De Roos, 1958

1958

In februari verschijnt Impossible Objects: A Special Type of Visual Illusion, door Lionel en Roger Penrose in The British Journal of Psychology. Geïnspireerd door Escher maken en analyseren zij visuele illusies. Een jaar na publicatie krijgt Escher het artikel onder ogen en er ontstaat een kruisbestuiving in dienst van deze illusies. Bij de Stichting De Roos verschijnt Eschers boek Regelmatige vlakverdeling. Ook maakt hij dit jaar zijn beroemde litho Belvédère.

M.C. Escher. Cirkellimiet III, houtsnede in geel, groen, blauw, bruin en zwart, gedrukt van vijf blokken, december 1959
M.C. Escher. Cirkellimiet III, houtsnede in geel, groen, blauw, bruin en zwart, gedrukt van vijf blokken, december 1959

1959

Half november verschijnt het boek Grafiek en tekeningen M.C. Escher, waarin Escher hoogtepunten uit zijn werk beschrijft. Op 14 november opent zijn tentoonstelling in Boijmans van Beuningen. Hij maakt dat jaar ook de tweede en de derde uit zijn serie cirkellimieten.

1960 – 1971

Eschers populariteit en het aantal buitenlandse opdrachtgevers stijgt sterk. Zijn inkomsten stijgen van 26.255 gulden naar 507.816 gulden op jaarbasis.

M.C. Escher, Klimmen en dalen, litho, maart 1960

1960

In maart maakt Escher Klimmen en dalen, een direct resultaat van zijn contacten met vader en zoon Penrose. Tijdens het Internationaal Kristallografisch Congres in Cambridge (Verenigd Koninkrijk) geeft hij een lezing en is er een tentoonstelling met zijn werk. Van 29 augustus tot 14 oktober maakt hij een zeereis van Genua naar Vancouver. Eind oktober brengt Escher een bezoek aan Cambridge, Massachusetts (Verenigde Staten) voor een lezing aan het MIT.

Tweede deel uit How to Read a Painting, met het deel over Escher.

1961

Op 29 juli verschijnt het artikel How to read a painting van E.H. Gombrich in The Saturday Evening Post. Hierin beschrijft Gombrich op uitvoerige wijze Eschers prenten. Het artikel van deze gerenommeerde kunsthistoricus zorgt voor veel extra belangstelling voor Eschers werk. Dit jaar maakt hij ook zijn beroemde litho Waterval.

Escher bij de onthulling van de zuil

1962

Escher ontwerpt een vlakverdelingsversiering voor een zuil in het nieuwe gebouw van de Provinciale Waterstaat in Haarlem. Op 27 maart 1962 vindt de officiële onthulling plaats. Helaas verslechtert zijn gezondheid. Eind april volgt een ziekenhuisopname voor een spoedoperatie, daarop volgt een langdurige herstelperiode. De reis die hij had gepland door de VS en Canada en al zijn lezingen en tentoonstellingen aldaar moet hij afzeggen.

M.C. Escher, Band van Möbius II (Rode mieren), houtsnede in rood, zwart en grijsgroen, gedrukt van drie blokken, 1963
M.C. Escher, Band van Möbius II (Rode mieren), houtsnede in rood, zwart en grijsgroen, gedrukt van drie blokken, februari 1963

1963

De prent zit al sinds begin 1962 in Eschers hoofd, maar de arbeid aan Band van Möbius II (Rode mieren) vordert zeer langzaam. Pas in februari 1963 is de prent af. Door de enorme vraag naar herdrukken van zijn werk is hij daar vooral mee bezig en komt hij (op een klein vissenvignet na) niet toe aan nieuw werk.

1964

Op 1 oktober gaat Escher per vliegtuig naar Canada. In Toronto wordt hij echter opnieuw in het ziekenhuis opgenomen voor een spoedoperatie. Alle opnieuw geplande lezingen en tentoonstellingen in Canada moeten worden afgezegd. Vierkantlimiet is de enige nieuwe prent die hij maakt dit jaar.

Sterren, psychedelisch
Blacklight versie van de houtgravure Sterren

1965 – 1970

Eschers werk wordt steeds populairder onder het grote publiek. Stanley Kubrick benadert hem om mee te denken aan een vier-dimensionele film en Mick Jagger vraagt hem of een prent als albumcover voor The Rolling Stones gebruikt mag worden. Beiden worden geweigerd. Aan het eind van de jaren 60 wordt Escher behoorlijk geliefd onder de hippies. Zijn prenten worden in fluoriserende varianten op de Amerikaanse markt gebracht.

Symmetry Aspects of M.C. Escher’s Periodic Drawings door professor Caroline H. MacGillavry

1965

Op 5 maart ontvangt Escher de Hilversumse Cultuurprijs. Begin augustus verschijnt het boek Symmetry Aspects of M.C. Escher’s Periodic Drawings door prof. dr. Carolina H. MacGillavry, vriendin van Escher en hoogleraar in de chemische kristallografie aan de Universiteit van Amsterdam. In het oktobernummer van het belangrijke maandblad Jardin des Arts verschijnt een artikel over Escher waarin hij geprezen wordt. Eerder dat jaar raakte hij bevriend met de auteur, de Franse kunstenaar en professor Albert Flocon. Die brengt hem op het idee voor zijn prent Knopen.

Scientific American, 1966
De column van Martin Gardner over M.C. Escher in Scientific American, april 1966

1966

Uitvoerig artikel over Escher in het aprilnummer van Scientific American door de Amerikaanse wetenschapsjournalist en meesterpuzzelaar Martin Gardner.

1967

Op 29 april wordt Escher benoemd tot Officier van de Orde van Oranje-Nassau. In de winter van 1967-1968 maakt hij Metamorphose III, een houtsnede die maar liefst zeven meter lang is en gesneden is uit drieëndertig houtblokken. Hij doet dit na een opdracht van de PTT, die er een wandschildering van wil maken voor het hoofdpostkantoor aan het Kerkplein in Den Haag.

Interview Vrij Nederland, 20 april 1968
Openingspagina van het interview met Bibeb in Vrij Nederland, 20 april 1968

1968

Het Haagse Gemeentemuseum organiseert de eerste grote overzichtstentoonstelling van Eschers werk, ter ere van zijn 70ste verjaardag. Op 20 april verscheen er in Vrij Nederland een lang interview door de befaamde journaliste Bibeb. Escher en Jetta leven vanaf eind dit jaar gescheiden. Jetta vertrekt naar Zwitserland om te wonen bij zoon Jan.

Drukte op een tentoonstelling in de Phoenix Gallery in Californië in 1969
De officiële onthulling van de Metamorphose-wandschildering in Den Haag

1969

Op 20 februari wordt de wandschildering van Metamorphose III (48 bij 1.60 meter) op het hoofdpostkantoor van Den Haag onthuld. In juli maakt Escher zijn laatste prent: Ringslangen.

Beeld uit de tv-opname door de NCRV van Time Spirit, met in het midden klarinettist George Pieterson. Hij wordt omgeven door leden van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Foto: Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

1970

In het voorjaar wordt Escher in het ziekenhuis opgenomen voor een zware operatie. In augustus verhuist hij naar het Rosa Spier Huis te Laren. Op de wereldtentoonstelling in Osaka wordt een film over Escher vertoond, gemaakt in opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. In november gaat Time Spirit in première, een symfonie van componist Jurriaan Andriessen die is geïnspireerd op Eschers werk.

De werelden van M.C. Escher

1971

Onder redactie van J.L. (Hans) Locher, hoofdconservator moderne kunst van het Gemeentemuseum (nu Kunstmuseum Den Haag), verschijnt in december De werelden van M.C. Escher, onder dezelfde titel als de overzichtstentoonstelling in 1968. Het boek is een enorm succes, zowel bij het publiek als de kunstkritiek. Tegelijkertijd met de publicatie organiseert het Gemeentemuseum een tweede grote tentoonstelling, met alle prenten die in het boek zijn opgenomen. Deze trekt opnieuw tienduizenden bezoekers.

1972

Op 27 maart overlijdt M.C. Escher op 73-jarige leeftijd in het Diaconessenhuis te Hilversum.

1976

Publicatie van De Toverspiegel van M.C. Escher door Bruno Ernst, voortgekomen uit een lange serie gesprekken tussen Escher en de wiskundeleraar Ernst over het werk van Escher.

1981

Publicatie van Leven en werk van M.C. Escher door J.L. Locher (red.), het levensverhaal van de graficus en eerste volledige catalogus van zijn werk.

1998

Publicatie van M.C. Escher. Een biografie, de eerste grote biografie over Escher, door Wim Hazeu.

2002

Opening van Escher in Het Paleis, monografisch museum over het leven en werk van M.C. Escher te Den Haag.

Meer over Escher