Tickets bestellen
Adres
Lange Voorhout 74
2514 EH Den Haag
T: 070-4277730
E: info@escherinhetpaleis.nl
Terug

De ontluistering

Stel je eens voor. Je bent kunstenaar, je maakt met passie en toewijding je eigen werk. Je zwoegt, worstelt om je ideeën te manifesteren. Je hunkert, smacht naar erkenning. Je krijgt het. Eindelijk, en masse. En dan.. Veel van de waardering komt van een publiek waar je niets mee hebt. Niets van begrijpt. Een publiek dat jouw werk ook heel anders interpreteert en anders waardeert dan je het bedoeld had. In deze aflevering in de serie over Escher en muziek focus op de ontluistering: de jaren 60.

Maurits Cornelis Escher was een gedistingeerd man. Deftige verschijning; bandplooibroeken, strak gesneden manteau. Het haar in een kaarsrechte scheiding, even rechtlijnige principes. Nette administratie, orde en regelmaat. Zwart, wit. Speels en humorvol, dat wel. En met een onwaarschijnlijke fantasie, maar tegelijk met een militaire methodische precisie.

Er zit iets woest revolutionairs in de lucht

Het behoeft weinig uitleg dat deze man niet veel ophad met de hippiegeneratie toen die opkwam. Escher zag zichzelf niet als de gevestigde orde, maar associëren met deze tegenbeweging was niet zijn stijl. Hij was wel heel goed op de hoogte van wat er gebeurde in de wereld. Zo schreef hij in een brief in 1964 aan zijn zoon:

‘..dan lachen wij samen over de Beatles en andere bespottelijke toestanden in de rare wereld om ons heen. Die Beatles en vele andere beatle-achtige verschijnselen de laatste tijd zijn echter wel verontrustend. Er zit iets woest-revolutionairs in de lucht, misschien zullen jullie kinderen nog heel wat beleven en dan is het maar goed, dat zij dat in dat uitgestrekte, weinig bevolkte land van Canada leven, want ‘mark my words,’ dit is nog maar het eerste in het begin van een wereld die zich bevrijdt van oude taboes.’



Bad Trips

Een taboe waar de hippies zich van bevrijdden was het auteursrecht van Eschers prenten. Onbedoeld pasten de prenten van Escher perfect bij de hallucinerende werking van LSD, een populaire drug onder hippies. Eschers prenten werden omarmd door de protestgeneratie en er verschenen talloze herdrukken  geschikt voor black light en soms zelfs met een toepasselijke nieuwe naam. Zo werd de prent Droom omgedoopt tot Bad trip. Escher kon er wel om lachen. Wanneer een Amerikaanse vriend hem aanraad om een advocaat in te schakelen schrijft hij:

‘Why should I be displeased if youngsters are happy with awfully coloured red things on their walls? I feel more or less flattered and I am glad that they can afford them.’

L The P (1969), Scaffold
Mott The Hoople (1969), Mott The Hoople

Kosmisch, niet komisch

De populariteit van Eschers werk zorgde ervoor dat zijn prenten werden gebruikt voor platenhoezen. Bekend zijn de hoezen van de albums van Mott the Hoople, Scaffold en The Mandrake Memorial.

Prenten werden voor de illustratie van psychedelische rock tot klassieke en ‘kosmische muziek,’ (wat dat ook mag zijn). Dit gebeurde vaak buiten Escher om. Waar hij coulant was voor de studenten die zijn werk herdrukten, kon Escher hier dan weer minder om lachen.

I am not Maurits to him

Escher kon onverbiddelijk zijn tegen muzikanten. Beroemd is de anekdote over Mick Jagger waarbij de frontman van The Rolling Stones in 1969 een informeel briefje schreef aan Escher. ‘Dear Maurits,’ begint Jagger zijn bewondering van Eschers oeuvre. ‘I am most eager to reproduce one of your works on the cover-sleeve.’ Dat is dan jammer moet Escher gedacht hebben, maar zo hoor je geen onbekende aan te schrijven. Vinnig zette hij Jagger terecht. Hij had geen tijd voor extra werk en

‘By the way, please tell Mr. Jagger I am not Maurits to him, but Very sincerely M.C. Escher.’

O zo. Hij wilde zich niet associëren met muziek die hem niet aanstond. Zijn muzikaal hart verbood het hem simpelweg.

Meer verhalen over Escher